Wie nog nooit met lasertechnologie gewerkt heeft, stelt zich vaak dezelfde vraag.
Is dat eigenlijk niet gevaarlijk? Een laser klinkt al snel intens, krachtig en moeilijk te controleren. En eerlijk: dat gevoel is niet helemaal onterecht. Maar zoals bij veel industriële technieken zit de realiteit veel genuanceerder in elkaar. De kracht van een laser zit in zijn extreme energieconcentratie. Waar traditionele lasprocessen met een boog werken, gebruikt een laser een zeer gerichte lichtbundel (infrarood) met een hoge energiedichtheid. Net die concentratie maakt het mogelijk om snel en precies te werken. Maar diezelfde energie betekent ook dat onbeschermde blootstelling risico’s kan inhouden, zeker voor de ogen.
Gezien de laserstraal infrarood is, kunnen wij deze niet zien. Net daarin schuilt het risico. Omdat infrarood onzichtbaar is, treedt er geen natuurlijke reactie op zoals knipperen of wegkijken. Je ziet het gevaar niet aankomen, maar het oog vangt de bundel wel op en versterkt die intern. Dat maakt correcte afscherming en aangepaste oogbescherming geen detail, maar een absolute basisvoorwaarde bij het werken met lasertechnologie.
Betekent dat dan dat lasertechnologie per definitie gevaarlijk is? Niet noodzakelijk. Net zoals bij klassieke lastechnieken hangt alles af van hoe je ermee omgaat. Moderne lasersystemen worden ontworpen met uitgebreide veiligheidsvoorzieningen. Denk aan gesloten cabines, beveiligde zones, interlocks die het systeem stilleggen bij openen, en specifieke laserbrillen afgestemd op de juiste golflengte. Tot slot is een goede opleiding van groot belang.

Verder zijn er nog de risico’s die je ook bij traditioneel lassen kent. Denk aan warmte, vonken en het werken met smeltende metalen. Bij laserlassen blijven die aspecten aanwezig, al zijn ze vaak beter controleerbaar door de gerichte energie-inbreng. Ook hier kunnen dampen en fijne deeltjes vrijkomen wanneer materiaal wordt verhit. Dat is niet anders dan bij MIG of TIG, en vraagt dus dezelfde aandacht voor afzuiging en ventilatie. Daarnaast blijft ook brandveiligheid belangrijk, zeker wanneer je werkt in een omgeving met ontvlambare materialen.
Het verschil zit vooral in hoe voorspelbaar en beheersbaar het proces wordt. Omdat laserlassen zo gericht werkt, is de impactzone kleiner en heb je minder ongecontroleerde hitte of spatten. Daardoor wordt het risico in veel gevallen zelfs beter beheersbaar dan bij klassieke technieken.
Kort gezegd: de basisrisico’s zijn vergelijkbaar met traditioneel lassen, maar dankzij de precisie van laser zijn ze vaak eenvoudiger onder controle te houden.